Trouwe inkooppartner gezocht
Trouwe inkooppartner gezocht
28 september 2026
De imperialistische Russische dreiging; de America-firsthouding onder het tweede presidentschap Trump; de Chinese ambitie om een nieuwe wereldorde in te leiden – tegen deze geopolitieke achtergrond trekken wij, net als de meeste andere NAVO-landen, fors meer geld uit voor defensie. Ongeveer tachtig procent van alle defensie-investeringen gaat naar de inkoop van materieel. Maar hoe zorgen we in een tijd van arbeidsschaarste en wankelbare waardenketens dat die inkoop ook daadwerkelijk aan onze weerbaarheid bijdraagt?
Met geld alleen komen we er in ieder geval niet. Inkoop op deze schaal opent een deur naar internationale industriepolitiek, die onze weerbaarheid kan ondermijnen of juist versterken. Zo nam de afgelopen jaren ons aandeel inkopen bij de VS toe, omdat de Europese defensie-industrie de recent opgeschaalde vraag nog niet kon bijbenen. En dat terwijl de aanleiding was, onze afhankelijkheid van de VS te verkleinen.
Gelukkig worden er ondertussen al goede stappen gezet om de Europese industrie op niveau te krijgen. Uit Kamerstukken van het afgelopen jaar blijkt een besef dat anders inkopen nodig is: minder incidentele orders en nauwere banden met verschillende leveranciers. Dit geeft leveranciers meer vaste grond om op te schalen en is bovendien passend in een context waarin de materieelbehoefte acuut kan veranderen (bijvoorbeeld door een invasie of nieuwe dronetechnologie). Wie kortere lijntjes heeft met leveranciers is namelijk beter in staat om nieuwe ontwikkelingen mee te nemen in productie- en innovatieprocessen.
Maar hier wringt de schoen. Met kopers die in de rij staan zullen Europese leveranciers met een beperkte capaciteit selectief zijn in wie ze aannemen. Een grote klant die goed betaalt en weinig maatwerk vraagt zal doorgaans de voorkeur krijgen boven een kleine klant die nauwe banden wil en bijstuurmogelijkheden. Wat ook meespeelt is of een klant de eigen overheid is, die naast orders ook staatssteun kan geven. Thales, Rheinmetall en Saab zullen waarschijnlijk net wat harder willen lopen voor de klant uit eigen land.
Trekken wij als klein land dan aan het kortste eind? Nee, maar dan moeten we wel harder inzetten op inkoopsamenwerkingen – de tijd van internationale verbanden is dood, lang leve de tijd van internationale verbanden! Klinkt logisch. We delen tenslotte onze defensiebehoefte met veel andere EU-landen. De recente geschiedenis laat echter zien dat inkoopsamenwerkingen in Europa vaak stroef lopen (zie de FCAS en Belgisch Nederlandse Samenwerking), plat gezegd, omdat deelnemende landen vaak tegelijk hun eigen industrie willen spekken. Goedkoop is duurkoop, want ondertussen denderen de andere machtspolen door met een interne consistentie waar de Europese flink bij verbleekt.
Als uitsmijter daarom de oproep om in inkoopsamenwerkingen de scoringskansen voor de eigen industrie links te laten liggen. Dat zal om politieke moed vragen, dus ter bemoediging een greep uit Psalm 15:
Een mens die doet wat hij belooft
– al is dat niet in zijn belang –
Die niet ten koste van een ander
Zichzelf verrijkt, die niet corrupt is
Die nooit onschuldigen benadeelt
Wie zo leeft, leeft voorgoed – Psalmen voor Nu
Ruben Nicolas is postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Utrecht en deelnemer aan het Fellowsprogramma van het Wetenschappelijk Instituut.