De coronacrisis en goed burgerschap: een culturele diagnose
De coronacrisis van de afgelopen acht maanden heeft de Nederlandse cultuur en de Nederlandse democratie op de proef gesteld. De uitslagen laten de broosheid van een moderne beschaving en van de Nederlandse democratie zien. Redelijke conversaties zijn tot geschreeuw, schelden en spugen verworden. Oog en hart voor het bonum commune (het gemeenschappelijk goed) heeft plaatsgemaakt voor wantrouwen, een sterke drang tot zelfbehoud, en verbaal en fysiek geweld tegen hulpverleners en politici. De polarisering tussen de politieke elite en het volk en tussen burgers onderling lijkt toegenomen te zijn. Dit verval van democratie is uiteraard niet aan een pandemie te wijten, maar eerder aan een zwakke democratische geest, antidemocratische structuren en zwak ontwikkeld burgerschap.