Het schilderskwartier in Woerden is niet zomaar gasvrij

In den Haag is het politieke debat over het klimaatakkoord volop gaande. Nederland moet nu toch echt aan de slag met energiebesparing. En ja, omdat de Groningse gaskraan dichtgaat: we moeten van het aardgas af. De overgang van fossiele naar hernieuwbare energie wordt het politieke onderwerp van de komende jaren. In Woerden hebben we laten onderzoeken hoe we een jaren-zestig-wijk van het gas af krijgen: het Schilderskwartier. Dit artikel bespreekt mijn ervaringen als wethouder op dit dossier. Wat zijn de pijnpunten, wat moet de rol van de Rijksoverheid zijn en waar moet je als bestuurder op letten?

In 2015 startten we samen met de woningcorporatie met de renovatie van 39 huurwoningen naar Nul-op-de-meter in het Schilderskwartier, onze jaren-zestig-wijk. Daar hebben we veel van geleerd. De kosten pakten in de praktijk toch flink hoger uit dan gedacht. Tegelijk met de renovatie van de huizen hebben we een realistische berekening gemaakt voor de hele wijk van ruim negenhonderd woningen. Het bleek dat voor rijtjeshuizen uit de jaren zestig de investering in gasvrij maken niet terugverdiend kan worden binnen de levensduur van de elektrische installaties. Er moet dus geld bij. Per woning ligt het onrendabele deel tussen de € 15.000 en € 25.000. Hieronder bespreek ik de vijf problemen die de proef in Woerden opleverden.

Probleem 1: dubbele lasten
Eigenaren van nieuwere huizen – zeg vanaf de jaren ’80 – die al redelijk tot goed geïsoleerd zijn, kunnen de investering naar gasvrij glansrijk terugverdienen. Hoe nieuwer het huis, hoe meer je kunt overhouden op de energierekening. Maar bezitters van oudere huizen blijken maandelijks juist op hogere tot zelfs dubbele energielasten uit te komen. Daarmee hebben we het wel over de helft van alle 7,8 miljoen woningen in ons land. Bewoners die dat door krijgen, kiezen natuurlijk niet zomaar voor verduurzamen van hun huis. Je huis van het gas af is alleen haalbaar indien betaalbaar. In Woerden moet er voor het gasvrij maken van het Schilderskwartier alleen al 20 miljoen euro bij. Op landelijke schaal omgerekend is het tekort maar liefst 75 miljard euro. Dat is de komende dertig jaar – tot 2050 – ruim 2,5 miljard euro per jaar. Het Klimaatakkoord heeft dit probleem niet onderkend, laat staan opgelost.

Probleem 2: de planning
Behalve de financiën vormt ook de planning een probleem. Netbeheerder Stedin heeft ons het tijdschema voor het geleidelijk opruimen van het gasnet opgegeven. Ze beginnen met de oudste wijken, die moeten rond 2030 van het gas af. Dat buizenstelsel ligt er al vanaf de jaren zestig en is tegen die tijd zeventig jaar oud en zwaar verouderd. De nieuwste wijken zijn tegen 2050 aan de beurt. Klinkt logisch, maar het dilemma is nu juist, dat juist bewoners van de oudste wijken hun huis dus niet op eigen financiële kracht gasvrij kunnen maken! Nu niet, laat staan tegen 2030, want gas wordt ook nog duurder.

Probleem 3: gas wordt duurder, gasvrij gaat niet
Minister Wiebes wil dat de gasprijs de komende jaren geleidelijk opgeschroefd wordt, om huiseigenaren te stimuleren de overstap van gas naar hernieuwbare energiebronnen te maken. Want daarmee wordt het alternatief goedkoper dan gas, en loont de investering, is zijn redenering. Maar met de in Woerden opgedane kennis steunt de minister zo alleen mensen met een nieuwere woning, voor wie het toch al niet zo’n probleem is. Bewoners van oudere huizen laat hij (onbedoeld) in de steek. Ik vrees, dat ik kan uittekenen wat Nederlanders in die situatie gaan doen. In Frankrijk trekken mensen in zo’n geval gele hesjes aan...

Probleem 4: gebouwen kunnen (nog) niet lenen
Ook is financiering van grotere investeringen voor huiseigenaren niet zo simpel. Banken bieden nog geen gebouw-gebonden leningen aan (leningen zijn nu persoonsgebonden) en gemeenten hebben daar nog geen goed alternatief voor. In het Klimaatakkoord is dit punt wel onderkend, maar het gaat nog jaren duren voordat dit wettelijk geregeld is. Tegelijk zien wij in Woerden dat de groene banken en ook lokale banken graag mee willen denken. Maar het mogelijk maken van gebouw-gebonden leningen moet landelijk geregeld worden door een wetswijziging in het Burgerlijk Wetboek. Zonder dat kunnen lokale banken en overheden er niet aan beginnen.

Probleem 5: eigenaren en huizen zijn allemaal anders
Diederik Samson, voorzitter van de tafel Bebouwde Omgeving van het Klimaatakkoord, denkt met vele deskundigen dat we het gasvrij maken van onze koopwoning gemiddeld genomen uit eigen zak kunnen bekostigen. Maar ja, dat is een gemiddelde. We kwamen er in Woerden achter dat de gemiddelde huiseigenaar en de gemiddelde woning niet bestaan. Elke situatie is echt anders. In het Schilderskwartier hebben ruim zeventig huiseigenaren op kosten van de gemeente een energiescan laten doen. Er zijn maar elf verschillende woningtypen, maar sinds de jaren zestig is geen huis en geen gezin gelijk. Het in één keer aanpakken van hele huizenblokken blijkt daardoor een illusie: gemiddelden bestaan gewoonweg niet.

Koophuizen zijn particulier bezit waarover dus de eigenaar, en niet de overheid gaat. Dat betekent dat elk huishouden de komende jaren zelf zijn eigen tempo bepaalt, afhankelijk van het toekomstperspectief. De hele operatie zal jaren gaan duren en per woning moet er maatwerk geleverd worden. Daarmee wordt de energietransitie in de oudere wijken een operatie, die vergelijkbaar is met de stadsvernieuwing zoals we die nog kennen uit de vorige eeuw. Met de bijbehorende bekostiging, want gemeenten hebben daarvoor gewoonweg geen geld.

Rol van het Rijk
Bovenstaande hindernissen zullen op rijksniveau geregeld moeten worden. Allereerst zal men daar goed moeten luisteren naar de ervaringen op lokaal niveau. Bovendien moet men het denken in gemiddelden afleren. Het gaat voor eigenaars van oude huizen om enorme investeringen die de meesten van hen niet op kunnen brengen. Gemeenten kunnen de overwinst op nieuwe woningen niet omslaan naar de eigenaren van oudere huizen. Er moeten dus flinke bedragen per woning bij, anders gaat er niets gebeuren in die oudere wijken. En zo zal het Rijk die andere dilemma’s van de planning, de energieprijs, de financieringsregels en de bekostiging van de stadsvernieuwingsoperatie samen met gemeenten moeten oplossen.

Bewoners moeten mee, maar hoe?
Naast het technische en financieel plaatje hebben we in Woerden ook ervaren hoe het is om als gemeente over het thema gasvrij met een wijk in gesprek te gaan. In ons land is wettelijk geregeld dat de eigenaar van een roerend of onroerend goed de baas is over zijn eigendom. Je kunt daarom mensen niet verplichten grote bedragen te investeren in hun woning. Ga maar voor een volle zaal wijkbewoners staan en vertellen zij dat de komende tien jaar van het gas af moeten, omdat de netbeheerder dan de buizen uit de grond gaat halen. Boosheid en wantrouwen zijn je deel. Mensen worden oprecht ongerust, boos, emotioneel en gaan allerlei uitvluchten bedenken. Psychologisch gezien is dat heel begrijpelijk. Zij ervaren dat er iets ongrijpbaars op hen afkomt en schieten in de ontkenning.

In Woerden hebben we geleerd dat je op die manier het gesprek met huiseigenaren onmogelijk aan kunt gaan. Inmiddels zijn we twee jaar in gesprek met de wijk en weten we dat we naast bewoners moeten gaan staan en niet boven hen. Wij zijn er om te helpen, niet om op te leggen. Gemeentes krijgen in de Warmteplannen straks de bevoegdheid om huizen per wijk van het gas af te halen. Eerlijk gezegd denk ik dat dit niet zonder slag of stoot gaat. Mensen die dat niet kunnen betalen, afsluiten van het gas, dat kan de overheid echt niet maken.

Drie soorten mensen
Ervaring met bewonersbijeenkomsten leert, dat er drie groepen zijn te onderscheiden: voorlopers (ca. 25%), tegenstanders (ca. 25%) en de middengroep (ca. 50%).

Bij bewonersbijeenkomsten zijn het de tegenstanders, die sterk de boventoon voeren. Begrijpelijk, want het is overmacht en ook angst voor het onbekende, dat hen drijft. Het is de groep, die sterk in de ontkenning schiet. Vaak hebben tegenstanders trouwens gewoon gelijk. Zoals die meneer van in de tachtig, die aangeeft dat je van hem echt niet kunt verwachten dat hij nu nog gaat investeren in de toekomst van zijn huis. Of die werkloze, die echt niet kan zeggen of hij de komende jaren nog aan het werk gaat komen.

Dan zijn er voorlopers, die al lang van alles aan hun woning gedaan hebben: isoleren, zonnepanelen, warmtepompen, enzovoorts. Voorlopers willen graag hun ervaringen delen maar zij spreken dan alleen de middengroep aan. Want van zich sterk manifesterende tegenstanders worden de voorlopers dan weer heel boos. Ze voelen zich met hun positieve ervaringen niet serieus genomen; ze komen in het verbale geweld van de tegenstanders niet meer goed aan bod.

En er is die grote middengroep, mensen die het nog niet weten, de twijfelaars, de mensen die het allemaal nog niet kunnen overzien, ofwel: de zwijgende meerderheid. De meesten beseffen wel dat ze iets moeten, maar overzien nog niet wat er financieel op hen afkomt en welke stappen zij kunnen zetten. Zij zoeken een handelingsperspectief. Hun vragen gaan over financiering, over tempo en over een slim stappenplan. Voorlopers zijn graag bereid om met mensen, die wel willen maar nog twijfelen, hun successen te delen. Zet die mensen bij elkaar aan tafel en er komen mooie gesprekken tot stand.

Samen kleine stappen zetten
Deze bewoners zijn het inmiddels erover eens, dat het slimmer is om de komende tien jaar kleine stappen te zetten, dan in één keer je huis van het gas af te halen. En dat de handigste volgorde is: eerst isoleren, dan zonnepanelen op je dak leggen en tenslotte je gasketel vervangen door een andere installatie, zoals een warmtepomp.

In het Schilderskwartier zien we nu dat bewoners van huizenblokken of zelfs straten elkaar beginnen te vinden en samen op willen trekken. Samen inkopen is natuurlijk ook voordeliger. Als gemeente en bewonerscoöperatie kunnen we collectieve inkoop van isolatie, zonnepanelen en installaties op de schaal van de hele wijk organiseren. Bewoners beginnen het op den duur leuk te vinden, omdat ze zelf aan het stuur komen te staan.

Tips voor bestuurders
Als wethouder neem ik alle groepen onder de bewoners serieus. Mijn ervaring is dat het verstandig is om de verschillende groepen apart te spreken. Vraag mensen vooraf of zij hun zorgen willen bespreken, of dat ze vooral willen weten wat ze kunnen doen om gasvrij te worden.

Mensen die sterk twijfelen of ronduit tegen zijn, hebben veel vragen. Het is zaak daar met respect en geduld op in te gaan. Zo wijst men graag als uitweg naar nieuwe technieken, zoals waterstof. Daarom laten we in Woerden onderzoek doen naar de vraag of het gasnet te gebruiken is om waterstof naar de huizen te brengen. De gedachte van bewoners is dat dit hen veel kan geld schelen. Deskundigen, waaronder de gemeentelijke ambtenaren, staan niet zomaar achter zo’n onderzoek. In hun ogen is allang duidelijk: waterstof is geen alternatief. Toch is mijn advies: neem die bewonersvragen serieus, want zo win je vertrouwen en komt het goede gesprek tot stand.

De emoties kunnen hoog oplopen en richten zich al heel snel op jou als wethouder of raadslid. Als politiek bestuurder moet je daarom wel stevig in je schoenen staan en de vaardigheid hebben met die verschillende belangen en emoties om te gaan. Als je bang bent voor dit soort situaties, volg er dan een cursus over of ga iets anders doen.

Lokale politieke verschillen
De hevige discussies in de wijk leiden ook onmiddellijk tot spanningen in de lokale politiek. Er zijn politieke partijen in de gemeenteraad die klimaat-sceptisch zijn en zich scharen achter degene die luid en duidelijk hun nee laten horen. Gewoonlijk zijn dat politici van de VVD, de SP of van lokale partijen. Er zijn ook partijen bij, die uit puur politiek gewin het vuurtje graag via de sociale of lokale media opstoken.

Als bestuurder is het dan zaak je rug recht te houden en de juiste toon aan te slaan. En blijf eerlijk. Benoem wat je nog niet weet, neem alle partijen serieus en hou de verschillende bewonersgroepen, maar ook de politieke belangen goed uit elkaar. Voor politici die van uitdaging houden, is de portefeuille duurzaamheid een mooie taak.


Tymon de Weger is wethouder Duurzaamheid in Woerden


Meer over klimaat en duurzaamheid? Kom naar de Groenlezing 'Duurzaam radicaliseren; naar het hart van milieuzorg' op donderdagavond 28 maart, in hartje Utrecht. Spreker: dr. Martine Vonk
Bestel vanaf 22 maart het nieuwste nummer van Groen of word donateur van het WI (vanaf € 3,- per maand) en ontvang ons kwartaalblad Groen.