Bandbreedte in de bijstand [Gastblog]

WIlogovrijdag 15 april 2016 12:00

'Als armoedebestrijding meer bandbreedte kost dan oplevert, heeft het een averechts effect.' In deze blog beschrijft Monique hoe bijstandsverplichtingen haar ertoe brachten haar uitkeringsaanvraag in te trekken.

De bijstand heeft in Nederland een negatieve connotatie. Mensen zouden teren op de zak van de belastingbetaler. Misbruik maken van de bijstand wordt daarom gezien als een doodzonde. Dat leidde tot een systeem gericht is op het voorkomen van misbruik; koste wat het kost. Daardoor heeft het systeem soms echter een averechtse werking; daar is mijn ervaring een uitgelezen voorbeeld van.

Op het moment dat ik een uitkeringsaanvraag indiende, was ik kwetsbaar. Mijn man was tijdens zijn studie ziek geworden en moest daarom noodgedwongen tijdelijk stoppen. Ikzelf probeerde af te studeren, het huishouden te runnen, zijn artsen duidelijk te maken dat het zo niet langer kon en voor hem te zorgen. Meerdere keren dacht ik ‘s avonds: “We hebben nog niets gegeten en niets in huis. Dan maar friet; dan hoef ik daar vanavond niet over na te denken”. Overdag al bedenken dat er gegeten moest worden was er niet bij; laat staan letten op vitaminen. 
De uitkering vroegen we aan om rust te krijgen over hoe we de huur zouden betalen.

Zoektijd
De eerste keer dat ik me meldde bij de gemeente werd me verteld dat ik alleen een afspraak kon inplannen als ik met mijn partner aan de balie verscheen. Hij was ziek, maar zonder hem kreeg ik geen papiertje met een datum en tijd voor een eerste intake. Deze intake bleek slechts een uitleg over welke papieren we allemaal moesten inleveren. Mijn man kreeg de opdracht om een maand aan zijn cv te werken. Na deze ‘zoektijd’ konden we terugkomen. Het deed er niet toe dat hij ziek was en uiteindelijk gewoon zijn studie wilde afmaken.

Na die maand volgde er een gesprek. Vrijwel direct werden wij gewezen op onze plichten. We kregen een dikke map waarin werd verteld waar we ons aan moesten houden en wat de gevolgen zouden zijn als we dit niet deden. “Verkoopt u spulletjes op een vlooienmarkt, dan bent u aan het bijverdienen”, “Als u samen boodschappen doet en kookt, zijn dit aanwijzingen voor een gezamenlijke huishouding”, “Let op: overtredingen van uitkeringsregels worden strenger bestraft”. Het beangstigde me, en ik was bang dat ik misschien iets verkeerd zou invullen.

Niets te verbergen
De druppel was de mededeling dat medewerkers onaangekondigd op de stoep mogen staan om te controleren of er bijvoorbeeld niet meer mensen in huis wonen. Ze mogen laatjes open doen en kijken of er niet kleding van iemand anders te vinden is. Bij gegronde vermoedens is iemand verplicht mee te werken. Wanneer deze er niet zijn staat er op de flyer '...hoeft u geen toestemming te geven. Maar als u niets te verbergen hebt, is het juist gunstig voor u, als u in zo’n geval toch een huisbezoek toestaat.' Naast deze huisbezoeken mag de sociale dienst ook de energierekening opvragen en je Facebook-pagina controleren. Alles om fraude tegen te gaan.

Bandbreedte
Het grote probleem is dat er bijzonder veel van mij gevraagd werd, terwijl ik juist opgeslokt werd door de ziekte van mijn man en de bijkomende problemen. Een fenomeen dat nader beschreven is door Mullainathan en Shafir, die in hun onderzoek de term ‘bandbreedte’ introduceren. Mensen met weinig inkomen worden opgeslokt door de vraag hoe ze de rekeningen moeten betalen en wat ze hun kinderen te eten geven. Hierdoor blijft er weinig ruimte over om na te denken over de lange termijn, en om goede keuzes te maken. Armoedebestrijding die bandbreedte vraagt in plaats van oplevert heeft dus een averechts effect. Ik kon bijna onmogelijk de ‘bandbreedte’ opbrengen om aan onze bijstandsverplichtingen te voldoen.

Wij hadden de luxe dat we een sterk netwerk om ons heen hadden staan. Wij konden onze uitkeringsaanvraag intrekken. We realiseren ons dat velen deze luxe niet hebben. Wij konden de beperkte ruimte in ons hoofd richten op beter worden, afstuderen en ons huwelijk starten; broodnodig, en blijkbaar toch een luxe. Ik zou daarom willen pleiten voor een overheid die minder gericht is op wantrouwen en bureaucratie, en meer op het vrijmaken van bandbreedte.

Monique, afgestudeerd in Internationale Ontwikkelingsstudies aan de Wagening Universiteit en Fellow van het WI

Bezoek ook het WI-symposium over rechten en plichten in de bijstand, of bestel onze nieuwe studie over dit onderwerp (vanaf 18 april). Donateurs kunnen het boek gratis aanvragen

« Terug