ChristenUnie blijft stabiele factor

ChristenUnie blijft stabiele factor

Analyses gemeenteraadsverkiezingen 2010

 

Door Erik van Dijk

 

Door de campagne voor de landelijke verkiezingen zijn velen de gemeenteraadsverkiezingen alweer vergeten. Toch is het goed om nog eens terug te blikken op de uitslagen van de lokale verkiezingen en de daaropvolgende college-onderhandelingen.

 

Het algemene beeld

De gemeenteraadsverkiezingen van 2010 vonden plaats onder bijzondere omstandigheden. Vlak voor deze verkiezingen viel het kabinet. Normaal gesproken is het al moeilijk om de lokale verkiezingen niet te veel te laten beïnvloeden door de landelijke politiek. Dat was deze keer nog lastiger.

Landelijk gezien lag de opkomst ruim 4% lager dan vier jaar geleden. Gezien de enorme aandacht voor politiek in de weken ervoor, is dat best opmerkelijk. Lag het aan het weer? Zijn de mensen het politieke gedoe zat? Stond er deze keer minder op het spel? Wie het weet, mag het zeggen.

Dat de landelijke verkiezingen de lokale verkiezingen hebben beïnvloed, blijkt voor een deel uit de uitslagen. Grootste verliezer was de PvdA die meer dan een half miljoen stemmers verloor. Dat is 36% van hun kiezers. Het CDA verloor ook fors: meer dan 200.000 stemmen. Dat is ruim 17% van hun kiezers. De SP verloor zo’n 100.000 stemmen. Dat lijkt minder erg dan het CDA, maar het is in hun geval wel 27% van hun kiezers.

Grote winnaar, dankzij de landelijke invloed, was D66. Bijna 350.000 stemmers erbij. Dat is een groei van maar liefst 183%. D66 was volgens mijn gegevens voor het laatst lokaal zo groot in 1994.

De VVD won 74.000 stemmen, wat procentueel bijna 8% is. De VVD heeft daarmee de PvdA net niet ingehaald. De PVV deed in slechts twee gemeenten mee en ging daar van nul naar ruim 50.000 stemmen. Trots op Nederland deed in 38 gemeenten mee en ging van nul naar ruim 80.000 stemmen. GroenLinks won 31.000 stemmen, wat ook bijna 8% is.

Een andere grote winnaar van de gemeenteraadsverkiezingen is de categorie onafhankelijke lokale partijen (vaak met het woord ‘leefbaar’ of ‘belang’ in hun naam). Zij wonnen ruim 215.000 stemmen en zijn daarmee het CDA en PvdA voorbijgegaan. Niet langer zijn deze twee landelijke partijen de grootste leveranciers van gemeenteraadszetels. In 2006 was overigens de PvdA het CDA voor het eerst voorbijgegaan. Nu is ook de VVD het CDA gepasseerd.

 

Kader

 

Rangorde naar grootte aantal stemmen (tussen haakjes rangorde 2006)

 

1 (2)

Lokale Onafhankelijke Groeperingen

2 (1)

PvdA

3 (4)

VVD

4 (3)

CDA

5 (8)

D66

6 (5)

GroenLinks

7 (6)

ChristenUnie plus ChristenUnie/SGP

8 (7)

SP

 

 

ChristenUnie

De ChristenUnie vertoont over het geheel genomen stabiliteit. Er is per saldo wel een licht (14.000 stemmen). In vergelijking met de uitslagen van de andere twee partners in het kabinet heeft de ChristenUnie het goed gedaan. Als enige landelijke coalitiepartij zijn wij overeind gebleven. Qua absolute stemmen zijn we er ongeveer 5% op achteruit gegaan. Dat kan voor een deel te maken hebben met de lagere opkomst, want die was zo’n vier procent.

Als we kijken naar de percentages van de uitgebrachte stemmen, dan is de ChristenUnie over heel Nederland gezien ongeveer gelijk gebleven: van 4,6 naar 4,4%.

In 25 gemeenten wonnen we een zetel, waarvan in 8 gevallen voor het eerst. In maar liefst 139 gemeenten zijn we stabiel gebleven. In 39 gemeenten hebben we helaas één zetel verloren. Alleen in Urk hebben we twee zetels verloren. Per saldo is de ChristenUnie (zelfstandig of in combinaties met de SGP) er 16 zetels op achteruit gegaan.

Tot nu toe telden de grootste ChristenUnie-fracties in het land zeven zetels, maar sinds maart jl. heeft Veenendaal er acht.

In 38 gemeenten en 3 Rotterdamse deelgemeenten hadden we een gezamenlijke lijst met de SGP. Dat zijn er drie minder dan vier jaar geleden. Maar liefst 21 van de 38 gezamenlijke lijsten bevinden zich in Zuid-Holland. Verder zijn er nog zes in Gelderland, vijf in Utrecht, drie in Zeeland, twee in Noord-Holland en één in Flevoland (Noordoostpolder).

Grote verschillen tussen de resultaten van zelfstandige ChristenUnie-lijsten en gecombineerde lijsten zijn er niet, hoewel de ‘zelfstandigen’ iets vaker winst boekten dan de ‘gezamenlijken’.

 

Witte vlekken en bolwerken

Bij de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen kwamen we voor het eerst in de raad in Harlingen, Tiel, Culemborg, Rhenen, Strijen, Appingedam, Teylingen en Rotterdam Charlois. De meeste van deze plaatselijke ChristenUnies hebben we in de afgelopen jaren vanuit het partijbureau op allerlei manieren extra ondersteund. Net als vier jaar geleden levert een dergelijke ‘witte vlekken strategie’ goede resultaten op.

Wel een belangrijke les: in Binnenmaas, Alkmaar en Eindhoven haalden we vier jaar geleden voor het eerst een zetel, maar die raakten we nu weer kwijt. Een zetel halen is dus één ding, maar die vasthouden vraagt ook aandacht.

Dat het ook heel goed kan gaan in een gemeente waar we vier jaar geleden voor het eerst een zetel haalden, blijkt wel in Amstelveen. Daar is niet alleen de zetel behouden, maar is er zelfs collegedeelname.

 

Kader

Het onderstaande overzicht geeft een goed inzicht in waar de ChristenUnie sterk vertegenwoordigd is (de tabel is gesorteerd op de kolom ‘gemiddeld aantal stemmen per gemeente’):

 

Provincie

 

Aantal gemeenten in die provincie

Aantal gemeenten waar ChristenUnie aan verkiezingen deelnam

Gemiddeld aantal stemmen op ChristenUnie per deelnemende gemeente

Aantal raadszetels (incl. gezamenlijke fracties)

Gemiddeld aantal behaalde zetels per deelnemende gemeenten

Overijssel

Ov

25

16

2648

53

3,3

Gelderland

Ge

56

30

1791

69

2,3

Utrecht

Ut

29

19

1779

38

2,0

Flevoland

Fl

6

6

1677

16

2,7

Zuid-Holland

ZH

73

51

1561

113

2,2

Zeeland

Ze

13

10

1499

24

2,4

Drenthe

Dr

12

9

1328

14

1,6

Noord-Holland

NH

60

15

1236

14

0,9

Groningen

Gr

23

21

1013

43

2,0

Friesland

Fr

31

17

991

27

1,6

Noord-Brabant

NB

68

9

926

10

1,1

Limburg

Li

34

3

322

SAMEN

NL

430

206

1517

421

2,0

 

 

De ChristenUnie was al de grootste partij in Bunschoten (Ut), Oldebroek (Gl), Urk (Fl), Kampen (Ov), Zwartewaterland (Ov) en Veenendaal (Ut) en is dat nu ook geworden in Hattem en Putten (beiden Gl). In Hattem hebben we die positie overgenomen van de PvdA, in Putten van Gemeentebelangen. In Putten is ‘Wij Putten’ vanuit het niets de tweede partij geworden. Het CDA is in Hattem en Putten de derde partij gebleven.

In Harderwijk, Lingewaard en nog drie andere Gelderse plaatsen is het CDA ‘onttroond’ als grootste partij. Daar staat tegenover dat ze in een plaats als Apeldoorn juist de grootste zijn geworden.

Bij de PvdA is de klap veel groter. Alleen al in Gelderland is de PvdA niet meer de grootste partij in 16 gemeenten. In Neder-Betuwe bijvoorbeeld is de PvdA gepasseerd door de SGP.

 

Coalities en wethouders

Bij het schrijven van dit artikel zijn de coalitieonderhandelingen in de meeste gemeenten afgerond. We kunnen constateren dat de ChristenUnie in bijna evenveel coalities meedoet als in de vorige periode. In 54 plaatsen continueren wij de coalitiedeelname. In 23 doen we weer of voor het eerst mee. Tegelijk vielen we in 26 gemeenten buiten de boot.

Ter vergelijking: vier jaar geleden continueerden we in 46 plaatsen, kwamen we in 18 gemeenten niet meer terug in de coalitie en – hier komt het verschil – deden we in 40 gemeenten voor het eerst mee. Aan de continueringen zien we dat we een stabiele factor zijn in het gemeentebestuur.

Terwijl de coalitiedeelname dus redelijk stabiel is, komt door allerlei verschuivingen het totaal aantal ChristenUnie-wethouders wel iets lager uit. Dat komt niet door verschuivingen bij gezamenlijke fracties van ChristenUnie en SGP. Het is per saldo niet zo dat de SGP nu vaker de wethouder levert dan de ChristenUnie. Het lijkt eerder te komen doordat we deze keer vaker in een coalitie zitten zonder een wethouder te leveren (volgens onze gegevens in acht gemeenten). Dit is waarschijnlijk vooral te verklaren vanuit een versplintering van het politieke landschap. Er waren in deze onderhandelingsronde vaak meer partijen nodig om een coalitie aan een meerderheid te helpen. Extra wethouders kan en wil men niet, zeker gezien de financieel zware tijd waarin we leven. De ChristenUnie is dan de betrouwbare extra partner met een groot verantwoordelijkheidsgevoel voor een stabiel bestuur van de gemeente. Het ziet ernaar uit dat we terug gaan van 70 naar 61 eigen wethouders (inclusief ChristenUnie-wethouders namens gezamenlijke fracties met SGP).

Het is erg jammer dat we collegedeelname zijn kwijtgeraakt in grote plaatsen als Utrecht, Ede, Dordrecht, Gouda en Amersfoort. Verzachtende omstandigheid is dat we in 2006 het bij de collegeonderhandelingen buitengewoon goed hadden gedaan (van ruim 50 naar ruim 70 wethouders). Bovendien hebben we er nu toch ook mooie nieuwe gemeenten bij gekregen. Enkele voorbeelden:

-       voor het eerst in Amstelveen, Lopik en Capelle ad IJssel

-       terug van weggeweest in Katwijk, Stadskanaal en Veenendaal

Ook mooi dat we in Kampen nog steeds met twee wethouders in het college mogen zitten.

Voor een compleet overzicht, zie www.christenunie.nl/lokaal-en-provinciaal

 

Meer diversiteit

Vier jaar geleden was door de winst in bijna het hele land onze uitgangspositie bij de onderhandelingen vaak sterker. Bovendien hadden we er nu regelmatig last van dat onze oude lokale coalitiepartners CDA en/of PvdA verloren hadden.

De collegesamenstellingen in het hele land en ook in de gemeenten waar de ChristenUnie meedoet, zijn deze keer veel diverser dan in de afgelopen vier jaar. Er waren toen bijna 50 colleges waarin de ChristenUnie samen met PvdA én CDA (en soms nog andere partijen) zat. Dat zijn er nu nog maar 30. De precieze combinatie CDA, PvdA en ChristenUnie (wat ook de landelijke coalitie was) kwam in de vorige periode 18 keer voor, nu nog maar 7.

 

In het onderstaande overzicht zien we met welke partijen de ChristenUnie in het college zat en zit:

 

 

2002-2006

2006-2010

2010-2014

CDA

59

58

55

VVD

29

29

36

PvdA

39

60

40

SGP (incl. gezamenlijke fracties)

24

27

32

GroenLinks

5

15

7

D66

10

SP

2

1

Andere partijen (gemeentebelangen, leefbaar, etc)

21

17

31

Totaal

177

208

212

 

Dat de totalen oplopen in de opeenvolgende bestuursperioden betekent dat er gemiddeld steeds meer partijen in coalities zitten (in ieder geval in coalities waar de ChristenUnie in zit).

In de nieuwe coalities die in de afgelopen weken met de ChristenUnie gevormd zijn zitten gemiddeld 3,5 partijen (in de vorige periode 3,2). Er zijn vijf coalities met twee partijen, 36 met drie partijen, 29 met vier en zeven met vijf partijen. In Leusden zelfs nog meer, want daar zitten alle partijen in de raad in de coalitie. In de vorige periode waren er zes coalities met twee partijen, maar liefst 50 met drie partijen, en slechts 23 coalities met vier en drie coalities met vijf partijen.

 

Voor het eerst met D66

De ChristenUnie zit nu bijna even vaak in een coalitie met het CDA als in de vorige periode. Met de VVD en SGP zitten we iets vaker in een coalitie. Met de PvdA zitten we beduidend minder vaak in een coalitie ( terug naar het niveau van de periode 2002-2006). Opvallend is dat we in de afgelopen periodes nooit samen met D66 in een coalitie zaten en nu tien keer. Ook opvallend is de groei van coalities samen met een lokale partij.

De ChristenUnie zit in deze nieuwe periode in 22 coalities zonder het CDA. Dat is ongeveer evenveel als in de vorige periode (toen 24).

 

Positief 

In Amstelveen en Neder-Betuwe heeft de ChristenUnie met één raadszetel toch een wethouderspost gekregen. Qua portefeuilles zijn het ook nog eens belangrijke posten. Bijzonder!

In deze nieuwe collegeperiode heeft de ChristenUnie vijf vrouwelijke wethouders. Dat is drie minder dan in de vorige periode. Drie van deze vijf vrouwelijke bestuurders zijn nieuw. Interessant feit is dat Titia Cnossen in Woerden deze periode ook namens de SGP wethouder is.

Een ander positief punt is dat vijf wethouders, die in hun eigen plaats niet verder konden, dit mooie ambt mogen continueren in een andere gemeente: Aaike Kamsteeg ging van Dordrecht naar Zwijndrecht, Filip van As van Dronten naar Zwolle, Hans van Daalen van Amersfoort naar Barneveld, Hans Freije van Giessenlanden naar Zederik, en Menne van Dijk van De Marne naar Bedum.

 

Tot slot

Er valt nog veel meer te beschrijven en analyseren, maar hier moeten we het bij laten. Bij dit soort artikelen is het risico van vergissingen met feitjes en cijfertjes altijd aanwezig. Voor correcties, aanvullende analyses en vragen kunt u terecht bij erikvandijk@christenunie.nl