'Wij gedragen ons kapot'

Interview over gedrag en leiderschap met Ben Tiggelaar


Door Geert Jan Spijker

We moeten meer gaan zorgen, voor onszelf en voor onze naasten. Het accent in sociaal beleid verschuift van rijk naar gemeenten, en van gemeenten naar gemeenschappen. Dat vraagt een nieuwe houding en meer actie van burgers en lokale bestuurders. 'Managementgoeroe' Ben Tiggelaar is gespecialiseerd in gedragsverandering en leiderschap. Wat kunnen politici leren van de psychologie? En wat raadt hij ChristenUnie-politici aan?

De eerste keer dat ik een boek van Ben Tiggelaar las, was tijdens een vakantie in de Ardennen. In het vakantiehuisje stond zijn boek Doen!. Ik begon - niet zonder scepsis - het boek te lezen en kon het niet meer wegleggen. Tiggelaar koppelt psychologische kennis aan voorbeelden uit het leven van alledag. Zijn boeken gaan vooral over privé en werk, maar raken ook aan maatschappelijke thema's. Hij werkt vanuit een wetenschappelijke basis en verpakt dat in een toegankelijke stijl, met kleurrijke covers en gelikte slogans. Wie kent niet de boeken - of tenminste de titels - Dromen durven doen? (De ChristenUnie hanteerde zelfs enige tijd de slogan 'Geloven durven doen') en Dit wordt jouw jaar!?De titels lijken te duiden op optimisme over gedragsverandering, zelfs op maakbaarheidsgeloof. Ten onrechte, naar zal blijken.

Gedragsverandering

In de troonrede werd gesproken over een verandering van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving. De overheid treedt terug en roept burgers op om meer voor elkaar te zorgen. Gaat dat zomaar? Kunnen mensen zo'n omslag maken?

Gedragsverandering is niet eenvoudig. Grofweg zijn er twee typen aandrijvingen van gedrag: situationeel en intentioneel. Het eerste gaat over veranderingen van iemands specifieke omstandigheden. Het tweede gaat over persoonlijke keuzes en intenties van mensen om te veranderen. Als mensen voor keuzes staan - zoals: zal ik me laten inenten? - dan vragen ze zich drie dingen af: is dit gedrag nuttig, wordt het gewaardeerd, en kan ik het wel? Als bij al die drie het stoplicht op groen staat dan is er op zijn minst sprake van goede wil om dat gedrag te gaan vertonen. Maar alleen intentie is onvoldoende voor gedragsverandering, onze wilskracht is erg beperkt. De invloed van de situatie is sterk, helemaal als we moe of gestrest zijn. Mensen onderschatten dat. Je kunt duizend keer zeggen dat mensen niet teveel moeten eten, maar onderzoek laat zien dat afmetingen van servies veel belangrijker zijn dan iemands intenties. Grotere soepkommen zorgen ervoor dat mensen meer gaan eten. Kortom, de omgeving en de verandering daarvan heeft een veel sneller en groter effect op gedrag dan het maken van een keuze.

Welke rol kan de politiek spelen bij gedragsverandering? De overheid lijkt me bij uitstek geschikt om omstandigheden aan te passen.

Ik ben net een jaar in de Verenigde Staten geweest en zag daar hoe in New York burgemeester Bloomberg de maat van geserveerde frisdrank probeerde te verkleinen, omdat die zo slecht zijn voor onze gezondheid. Hij moest echter opboksen tegen een enorme lobby van de fastfood industrie die zei: 'Mensen kunnen zelf wel kiezen wat ze willen'. Maar de wetenschap laat zien dat we dingen vaak op de automatische piloot doen, dat we worden gestuurd door de situatie. En aangezien suikerhoudende dranken een grote impact op obesitas-cijfers hebben, was het een goede zet geweest om invloed via de situatie uit te oefenen. Hetzelfde geldt voor maatregelen tegen roken. Uiteraard moet de overheid dat afwegen tegen de menselijke autonomie, teveel sturing wekt irritatie op. Mensen willen serieus genomen worden.

Als omstandigheden zo belangrijk zijn, moeten we dan nog wel wat verwachten van zelfhulp en persoonlijke gedragsverandering? Kunnen we daar niet beter mee stoppen?

Ik vond het grappig te horen over jouw scepsis over zelfhulp. Mijn vraag is dan: wat is het alternatief? Iets als: ik weet prima hoe ik mijn leven moet vormgeven en mijn gedrag te veranderen? Laat maar zien, zou ik zeggen! We doen immers niet wat we willen. Meer dan 60% van de Amerikanen heeft stevig overgewicht en ruim 30% is zo dik dat het de gezondheid sterk bedreigt. In Nederland is dat inmiddels al 12%. Willen mensen dat echt? De meeste gezondheidsproblemen in westerse landen worden veroorzaakt door veranderbaar gedrag. Wij gedragen ons kapot! Dat is wat we doen. Is dat omdat we dat willen, omdat we zo goed zijn in zelfsturing? Ik geloof er niks van. Zelfhulp is nodig, maar wel in een sociale context. Laatst deed iemand deze mooie uitspraak: 'Ik had heel wat mensen nodig om het in mijn eentje te redden.'

Maar gaat die zelfhulpbenadering niet teveel van maakbaarheid uit?

Het is juist andersom: mensen die denken geen zelfhulp nodig te hebben geloven te veel in de eigen maakbaarheid. En uiteraard kunnen we onszelf en de wereld uiteindelijk niet redden, ik ben ook erg blij dat Iemand anders de wereld wil redden. Maar die Persoon doet ook de oproep mee te werken in Zijn Koninkrijk.  

U schrijft: mensen willen wel veranderen, maar niet verliezen. In Nederland hebben we heel wat te verliezen, in ieder geval als het gaat om rechten en inkomen. 

Verlies weegt voor mensen zwaarder dan winst, dat is goed om als politicus te beseffen. Immers, veel veranderingen gaan gepaard met verlies, bijvoorbeeld van zekerheid. Als echter veel verlies dreigt en men beschouwt een politieke ingreep als de oplossing, dan willen mensen wel veranderen.

Willen mensen zo'n participatiesamenleving wel? Willen burgers meer verantwoordelijkheid nemen voor elkaar en hun omgeving?

Als je burgers vraagt of ze in het algemeen een steentje willen bijdragen aan de maatschappij, dan is het antwoord vermoedelijk 'Ja'. Als je hypothetische vragen stelt, dan krijg je sociaal wenselijke antwoorden. Als iemand echter de concrete vraag krijgt om zijn onbekende buurman te wassen, ligt het heel anders. Dan komt het dichtbij en zal het antwoord eerder negatief zijn. Politici moeten dus oppassen te snel met cijfers te gaan schermen van 'burgers zouden dit en dit wel willen'.

Voor succesvolle gedragsverandering acht u een keuze voor een richting belangrijk, evenals het bepalen van een motto of credo. Wat is uw eigen credo?

‘Zoek eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid. Dan komt de rest vanzelf.' Bij de dingen die ik doe, vind ik het belangrijk om na te gaan wat Jezus Christus van mij vraagt. Ik wil leven in afhankelijkheid van Hem, verlost worden door Hem. Daarnaast zijn zijn aanwijzingen en zijn leven zelf mijn waardevolste lessen. Tegelijk blijf ik een zoeker, zoals iedereen. Het gaat om het zoeken van het Koninkrijk.

U zet gedrag centraal, maar begint gedragsverandering niet bij verandering van het hart? Moet niet voor alles de innerlijke mens worden gevormd?

Die vraag gaat meer over theologie dan over mijn vakgebied. Naar mijn idee zijn er minstens drie soorten kennis. De eerste gaat over heilsleer: wat is de weg tot zaligheid? Dan heb je de zedenleer: wat is goed om te doen, wat is deugdzaam leven? Ik beweeg me zelf vooral op het derde terrein, dat van de actieleer: als je bepaald gedrag wilt implementeren, wat is danverstandig om te doen? Mijns inziens zit daar de bottleneck! Maar wat ik doe en graag wil doen valt natuurlijk niet los te zien van mijn bekering.

Politiek leiderschap

Lokale overheden gaan een steeds centralere rol spelen in het bestuur van Nederland. Wat vindt u belangrijk als het gaat om (lokaal) leiderschap?  

Leiderschap ontwikkelt zich richting het anderen ondersteunen in zelfleiderschap. Dat zie je ook in de politiek: de overheid treedt terug, maar ambtenaren kunnen burgers wel ondersteunen bij hun taken. Hier liggen hele interessante uitdagingen. Ik zie parallellen met het bedrijfsleven en de zorg. Daar zie je de opkomst van zelfsturende teams. Dat is geen verkeerde ontwikkeling, maar ondersteuning blijft wel nodig, het gaat niet automatisch goed.

Wat is volgens u typerend voor politiek leiderschap?  

Het bestaat uit twee onderdelen. Allereerst leiderschap in de kleine kring - binnen de fractie, de partij - wat vergelijkbaar is met andere organisaties: je wilt met een groep mensen om je heen bepaalde doelen halen. Tegelijkertijd is er het leiderschap richting de diffuse groep daarbuiten, de burgers. Die groep beïnvloeden is een stuk lastiger. Dat gaat meer over marketing dan over leiderschap: hoe breng je je ideeën aan de man?

Ziet u momenteel goede politieke leiders rondlopen?

Daar doe ik geen onderzoek naar en weet ik dus te weinig van af. Het is een lastige kwestie. Een paar jaar geleden vond men Obama een hele goede leider, maar wat is er nu over van dat beeld? Velen in Nederland waren blij met Obamacare, maar in de VS geloven zelfs veel democraten niet meer in Obamacare, vanwege het gebrek aan beschikbare middelen. Goed leiderschap betekent toch dat je in staat bent inspirerende resultaten te definiëren en te halen. Het gaat om visie en resultaat. En dat is in de politiek lastig. Het duurt jaren eer wetgeving klaar is en doorwerkt in de steden en dorpen waar het moet gebeuren. Mijn vraag is: hoe pakt het uiteindelijk uit in de maatschappij? Dat valt vaak knap tegen.

Burgers worden mondiger en accepteren minder makkelijk gezag. Niet alleen de politiek, ook de kerk, het bedrijfsleven en zelfs de wetenschap worden gewantrouwd. Een goede ontwikkeling?

In zijn algemeenheid zie je dat leiders minder belangrijk worden en volgers belangrijker. Het tijdperk van het claimen van leiderschap is ten dode opgeschreven. Leiderschap is tijdelijk geworden, altijd onder voorbehoud van de steun van volgers. Dat geldt in de politiek, maar ook daarbuiten.
Mensen aanvaarden leiders wel, maar alleen als ze problemen ervaren die ze zelf niet kunnen oplossen. Ze zullen vervolgens een leider het mandaat gunnen om op dat specifieke terrein een oplossing te vinden. Leiderschap is dus contextueel. Winston Churchill kreeg van de Britten het mandaat om de oorlog tegen de Duitsers aan te voeren, maar mocht na de oorlog niet door. Voor politiek draagvlak is cruciaal: kun je als leider identificeren wat het echte probleem van de mensen in je gebied is en kun je een oplossing formuleren die mensen accepteren?

Volgers bepalen wie leiders worden, maar moet een politiek leider niet soms ook voor de troepen uitlopen? Burgers willen toch het liefste alles houden zoals het is, bang voor verlies als ze zijn.

Een politicus krijgt het mandaat voor meerdere jaren en dat is goed. Binnen die periode heeft hij ruimte om maatregelen te nemen die verder gaan dan de waan van de dag. Hij kan daarbij op problemen wijzen die burgers zelf misschien nog niet eens hadden gezien. In de film Primary Colors bijvoorbeeld worden arbeiders uit de staalindustrie er door de hoofdrolspeler op gewezen dat hun industrie dreigt te verdwijnen. Hij heeft het lef om ze de waarheid te zeggen: het probleem was niet dat de staalindustrie zou verdwijnen, maar dat de werknemers al jaren niets aan hun scholing deden en zo hun eigen toekomst op het spel zetten.     

Nederland ontkerstent, wat betekent dat voor christenen in politiek en samenleving?

God leidt de geschiedenis, dat staat voorop. Dus ook als er geen christelijke meerderheid is, is pessimisme niet op zijn plaats. Wat mij wel zorgen baart, is dat mensen vergeten dat veel van onze waarden voortkomen uit het christendom. Als je God uit het oog verliest en denkt dat de beschaving een puur menselijke inspanning is, dan kunnen we gemakkelijk te hoog van onszelf gaan opgeven. Juist als christen kom je tot zelfrelativering en bescheidenheid. Dat is hard nodig, zeker voor mensen die leiding geven. Jozef vind ik hier een prachtig voorbeeld. Omdat hij Farao's droom over de zeven magere jaren kon uitleggen werd hij tot onderkoning benoemd. Maar hij kon dat alleen omdat God hem de droom en de uitleg had doorgegeven. Jozef had kennelijk leiderschapskwaliteiten, maar zijn functie had hij niet aan zichzelf te danken. Het draaide om afhankelijkheid.   

 

Dr. Ben Tiggelaar is schrijver en trainer op het gebied van leiderschap en gedragsverandering. Hij is columnist van diverse bladen en schreef onder meer Dromen durven doen. Hij promoveerde aan de VU op een proefschrift The Core of the Matter (2010).

© WI ChristenUnie