Verdampende staten


Door Herman Sietsma, hoofdredacteur

Het is alweer 23 jaar geleden dat de Muur viel. We vinden het ongedeelde Berlijn en het ene Duitsland al heel gewoon. Maar toen ik onlangs de voormalige  Stasi-gevangenis Hohenschönhausen in Berlijn bezocht, was er niets dat vanzelf sprak.  De aanblik is beklemmend, de verhalen erbij nog meer. Voor ons is het onbegrijpelijk dat het Duitse volk zich na de ideologie van het fascisme heeft laten verleiden tot het communisme, dat werd ingezet tegen de eigen volksgenoten. Onbegrijpelijk ook dat er in Nederland zo vergoelijkend over Oost-Europa, meer bijzonder ook over Oost-Duitsland, gesproken werd. Na 1990 veranderde alles in Duitsland en salonfähig links in Nederland draaide soepel mee.

Natiestaat blijft nodig

Het nieuwe Berlijn is een symbool voor de kracht van het zich ontwikkelende Europa. De kans op oorlog binnen Europa is door de Europese samenwerking effectief gedaald. Landen die een economische en monetaire unie vormen, voeren  geen oorlog. Dat is althans de heersende opvatting, niet in het  minst van de EU zelf.  Volgens velen is de consequentie dat vrede en welvaart alleen te behouden zijn als er nog meer bevoegdheden aan Europa worden overgedragen; de Europese federatie als voorwaarde voor vrede.  

In De aanval op de natiestaat rekent Thierry Baudet effectief af met deze illusie. De verklaring van de Europese oorlogen in het verleden ligt niet zozeer in het bestaan van natiestaten met soevereiniteit, maar in het imperialisme dat zij aan de dag legden, gevoed door de universalistische idealen van de Verlichting. Niet het bestaan van staatsgrenzen, maar het gebrek aan respect voor die grenzen leidde tot oorlogen. Bovendien was het vooral het schild van de Navo dat het continent ten tijde van de Koude Oorlog beschermde. Wij zouden zeggen: het kwaad zit niet in de (nationale) structuur, maar in de mensen. Zowel in een mozaïekpatroon van natiestaten als in een Verenigd Europa kan de kwade geest mensen beheersen.

Althusius: klein beginnen

De monetaire en economische crisis noopt tot samenwerking; daarover is geen twijfel. Maar een zakelijke samenwerking is iets anders dan het verdampen van de nationale staten, hetgeen lang door velen als een wetmatigheid is en wordt gezien. Als staten zoveel bevoegdheden overdragen dat hun soevereiniteit – die dan geen soevereiniteit meer is -  afhankelijk is geworden van  de instemming van Europese  instituties, is die grens gepasseerd.

Het denken van protestantse landen is altijd gebaseerd geweest op de decentrale benadering: Europese samenwerking komt voort uit de lidstaten. Het is niet moeilijk hier een parallel te zien met de verbondsgedachte van Althusius, de 16e-eeuwse protestantse denker, die juist begon bij de kleinste gemeenschap. Katholieken zijn geneigd te denken vanuit het totaal: de lidstaten behouden de bevoegdheden die op Europees niveau daarvoor geschikt bevonden worden. Niet voor niets waren de grote voorvechters van de Europese integratie overtuigde katholieken.

Maar om vanuit een geheel te denken moet er een geheel zijn, niet alleen een constructie. De opmerkelijke ontwikkelingen in België, dat na een kleine twee eeuwen 'staatsvorming' in staat van ontbinding verkeert, mogen tot voorbeeld strekken.

© WI ChristenUnie