Werken aan een slanke regiegemeente


Bezuinigen op ambtenaren


Door Simone Kennedy-Doornbos

Politici en burgers wijzen snel naar het ambtelijk apparaat als er weer bezuinigd moet worden. Al die ambtenaren, zijn die nu werkelijk nodig? Laten we snijden in de bureaucratie en ons eigen vlees, voordat we bezuinigen op kwetsbare burgers en voorzieningen. Maar is dat verantwoord? Een overzicht van de mogelijkheden  en een illustratie van de 'slankste' gemeente van Nederland.

Verbetering efficiëntie

In de eerste plaats kun je bezuinigen door de efficiëntie te verbeteren. Als je voor de eerste keer bezuinigt op het ambtelijk apparaat, is er wel ruimte te vinden door het ambtenarenapparaat strakker te organiseren. Dit gaat dan niet ten koste van taken. Je kunt ook besluiten om meer gebruik te maken van externe inhuur. Als een bepaalde deskundigheid niet altijd nodig is, zouden dure ambtenaren vervangen kunnen worden door tijdelijke krachten, waarmee deskundigheid ingehuurd wordt als het nodig is. De voordelen daarvan zijn dat je snel kunt schakelen, flexibel kunt inhuren en geen log bureaucratisch apparaat hebt. De nadelen zijn dat het uurtarief van externen hoger ligt en er minder institutioneel geheugen wordt opgebouwd, omdat veel projectleiders en adviseurs op tijdelijke basis worden ingehuurd. En dus wordt het wiel soms meerdere malen uitgevonden.

Taken schrappen of uitbesteden

Als er geen efficiëntievoordeel meer behaald kan worden, moet je overgaan tot andere maatregelen, zoals het schrappen of uitbesteden van taken. Door taken te schrappen, kan er ook bezuinigd worden op het aantal ambtenaren in het stadhuis. Als de gemeente zich bijvoorbeeld niet langer verantwoordelijk voelt voor wijkcentra, kun je de afdeling die zich bezighoudt met het aansturen van de wijkcentra opheffen. Maar dan gaat de discussie over de taken en is de bezuiniging op het ambtenarenapparaat een bijvangst.

Je kunt ook taken uitbesteden, zodat ze niet langer door ambtenaren in het stadhuis worden uitgevoerd, maar buiten de poort door (semi-)onafhankelijke bedrijven. Hoe meer taken door deze organisaties worden uitgevoerd, hoe meer de gemeente een regiegemeente wordt, waarbij de switch is gemaakt van uitvoeren naar regisseren. Het beheer van sportaccommodaties en –velden, het theater, het groenbeheer, de vuilnisdienst, de parkeerdienst, de sociale werkvoorziening  of het verstrekken van minimaregelingen: ze kunnen allemaal uitbesteed worden aan bedrijven die prestatieafspraken maken met de gemeenten over de diensten die ze leveren. Vaak blijft de gemeente als aandeelhouder een vinger in de pap houden bij de bedrijfsvoering. Hier zitten wel enige haken en ogen aan, want de gemeenteraad krijgt zodoende minder invloed. Je kunt niet zo gemakkelijk aangeven hoe een bedrijf moet bezuinigen en als de gemeente aandeelhouder is, wordt het ook moeilijker om de taken te gunnen aan een ander bedrijf bij een nieuwe aanbestedingsronde.

Het Nieuwe Werken

Om nog meer te bezuinigen op het stadhuis, wordt tegenwoordig geregeld het Nieuwe Werken ingevoerd. Veel werknemers staan hier achter omdat zij dan meer flexibiliteit krijgen en bijvoorbeeld hun werk- en zorgtaken beter kunnen verdelen. Als je wordt afgerekend op je prestaties, kun je thuis werken of ’s avonds werken.  Organisaties vinden het prettig, omdat het ruimte bespaart. Een stadhuis kan toe met minder bureaus, minder kamers en wellicht minder gebouwen. Dit bespaart exploitatielasten. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat het Nieuwe Werken werknemers stimuleert tot meer overwerk, waardoor de arbeidsproductiviteit wordt verhoogd. Dit vertaalt zich ook in een bezuiniging op het ambtenarenapparaat. Het Nieuwe Werken wordt overigens niet door iedereen toegejuicht. Werknemers klagen soms dat ze geen eigen bureau of kamer meer hebben of dat het stressniveau toeneemt omdat je de 9-to-5-mentaliteit hebt losgelaten en het werk nooit ‘af’ lijkt te zijn.

Voorbeeld: Amersfoort

Amersfoort heeft al een hele slanke regiegemeente, met de minste ambtenaren van de grote gemeenten in Nederland (6 ambtenaren per 1000 inwoners). Maar toen wij opnieuw werden geconfronteerd met een grote bezuinigingsopgave, wilde de raad toch weer bezuinigen op de ambtenaren. Hoewel Rijksbezuinigingen en de toename van het aantal bijstandsuitkeringen het grootste gat sloegen in de begroting, bleken we als groeistad ook fikse incidentele tekorten te hebben op de grondexploitatie. We moeten afboeken omdat woningen en bedrijven nu alleen met grote vertraging gebouwd en verkocht kunnen worden. Als regiegemeente werken we samen met marktpartijen en ontwikkelaars in PPS-constructies (Publiek-Private Samenwerking), waarin winsten en verliezen worden gedeeld. Maar in deze crisis kwamen we er als raad achter dat de verliezen die marktpartijen dragen contractueel begrensd zijn en de gemeente opdraait voor overige verliezen . Deze verliezen worden deels structureel in de begroting opgenomen. De grote bezuinigingspakketten waartoe we besloten, omvatten daarom opnieuw bezuiniging op het ambtenarenapparaat. Dit vangen we op door het Nieuwe Werken in te voeren en onze begrotings- en verantwoordingscyclus anders in te richten.

Begrotings- en verantwoordingscyclus opgesplitst

In deze nieuwe Planning en Controlcyclus wordt de beleidsevaluatie gescheiden van de begrotingscyclus. In plaats van elk jaar een hele nieuwe cyclus, waarin organisaties verantwoording moeten afleggen en nieuwe subsidies moeten aanvragen en waarin de raad eerst een kadernota en vervolgens de begroting behandeld, gaan we over naar een vierjarencyclus. Zo hopen we de bureaucratie voor maatschappelijke organisaties te verminderen en meer aandacht te kunnen geven aan de beleidsevaluatie dan tijdens de hectische besprekingen bij de kadernota en begroting mogelijk is.

De begrotingscyclus begint met het vaststelling van het coalitieakkoord. Het coalitieakkoord ligt aan de basis van de eerste begroting na de verkiezingen, waarna de drie volgende jaren uitsluitend een begrotingsbijstelling plaatsvindt. Omdat de beleidsevaluatie op een ander moment plaatsvindt, kan een uitgebreide kadernota achterwege blijven. De jaarrekening en de begroting is minder beleidsmatig en meer financieel gericht en wordt grotendeels digitaal aangeboden.

Groei van vertrouwen

De discussie over het beleid vindt niet meer plaats bij de presentatie van de jaarrekening, de kadernota en de begrotingscyclus, maar in rondetafelgesprekken. Elk beleidsonderwerp komt eens in de vier jaar aan de beurt, zo mogelijk voorafgaand aan de vaststelling van beleidsnota’s of raadsvoorstellen. Eerst wordt het onderwerp besproken in een bijeenkomst, waarin de wethouder, ambtenaren, raadsleden en betrokken maatschappelijke organisaties het beleid van de afgelopen vier jaar evalueren en lijnen uitzetten voor de toekomst. Vervolgens kunnen de uitkomsten door de raad of het college geagendeerd worden in de raad ter peiling of vaststelling. De gesprekken die tot nu toe in Amersfoort hebben plaatsgevonden (over ‘sport’ en ‘wmo’) hebben geleid tot groter onderling vertrouwen. Tegelijkertijd bleek een avond niet voldoende om het beleid uitvoerig te kunnen evalueren en een nieuwe visie te ontwikkelen. Als Amersfoort gaan we door op de ingeslagen weg en zullen geregeld evalueren of deze laatste bezuiniging op het ambtelijk apparaat daadwerkelijk leidt tot een verbetering.


Simone Kennedy-Doornbos is fractievoorzitter van de ChristenUnie Amersfoort

© WI ChristenUnie