Lokale draken


Door Reinier Koppelaar

Dat er 1,3 miljard mensen in China wonen, merk je hier waar je ook bent: overal en altijd zijn er mensen om je heen. De spits in Beijing – waar ik woon - is een ramp, ondanks de moderne infrastructuur. Er wonen hier dan ook 17 miljoen mensen en er rijden 5 miljoen auto’s rond. En Beijing is slechts één van de miljoenensteden in China.

Spooksteden

Toch is het mogelijk om, rondreizend in China, complete stadswijken tegen te komen met leegstaande flatgebouwen, winkelcentra en kantoorpanden. Het zijn de mislukte bijproducten van het Chinese groeiwonder, de ‘drakeneconomie’. Lokale overheden investeerden er, aangemoedigd door de centrale overheid, in de afgelopen jaren lustig op los om de gestelde groeicijfers van het Vijfjarenplan te behalen. Geld was volop beschikbaar: in 2008 en 2009, temidden van de financiële crisis, groeide China zich uit de malaise met een stimuleringspakket ter waarde van 400 miljard euro. Dat werd uitgegeven aan nationale projecten zoals supersnelle treinverbindingen en tolwegen. Maar een groot deel werd uitgegeven via lokale overheden. Die investeerden dat het een lieve lust was om zo hun eigen stad mee te stuwen in de vaart der volkeren. Nog dagelijks zijn gelikte infomercials te zien op de Chinese televisie die onbekende steden aanprijzen (Kom  naar Luoyang! Investeer in Changsha! Vestig uw onderneming in Yingkou!).

Nogal een contrast dus met Nederland, waar de gemeenten de broekriem moeten aanhalen en tegelijk taken op hun bordje geschoven krijgen vanuit de rijksoverheid. De doorsnee burgemeester of wethouder in Nederland zou zich wellicht de vingers aflikken bij de miljarden waarover hun Chinese ambtscollega’s beschikken.

'De bergen zijn hoog, de keizer is ver'

Maar er is een keerzijde. Het geld waarmee lokale ‘draken’ investeerden leenden ze veelal van provinciale of nationale banken. De laatste tijd komt in toenemende mate aan het licht dat de ambitieuze lokale overheden hun miljarden niet allemaal even verstandig hebben geïnvesteerd. De druk vanuit Beijing, bestuurders met private belangen in de vastgoedsector en verstrengeling van zakelijke en politieke elite, hebben ertoe hebben geleid dat een aanzienlijk deel van de investeringsimpuls in onrendabele projecten is gaan zitten. Beijing heeft in China niet alles onder controle. Niet voor niet is een gevleugd gezegde in China: 'de bergen zijn hoog, en de keizer is ver'. Vandaar dus die leegstaande stadswijken.

De banken stelden geen vragen, de overheid stond immers garant. Momenteel is er in de Chinese pers veel te doen over de verborgen schuldenberg die schuilgaat achter het geflatteerde officiële schuldquote van 20%. Niemand weet hoe hoog de schuldenlast in werkelijkheid is. Schattingen van de werkelijke schuldenlast variëren van 80 tot 250% van het BBP. Wat op termijn het effect zal zijn van deze situatie op de economische groei van China valt niet met zekerheid te zeggen. Wel is iedereen het erover eens dat de Chinese economie minder afhankelijk moet worden van deze overheidsinvesteringen en meer moet gaan leunen op solide binnenlandse consumptie.  Nog meer Chinezen die huizen, koelkasten en smartphones gaan kopen dus. En auto’s. Voorlopig zal het de komende jaren alleen maar drukker worden op de wegen in Beijing.

Reinier Koppelaar werkt op de Nederlandse ambassade in China voor het Ministerie van VWS. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel. Van 2006-2010 was hij politiek assistent van toenmalig minister Rouvoet.

© WI ChristenUnie