'Een vangnet is geen hangmat'

KADER

Oldebroek heeft 23.000 inwoners, met verschillende kernen; Wezep en Oldebroek zijn de grootste kernen. De ChristenUnie heeft er 6 zetels (van de 19). Samen met SGP  en CDA  vormt de ChristenUnie het college.

 

 

‘Een vangnet is geen hangmat’

Gesprek met burgemeester Adriaan Hoogendoorn

 

Door Geert Jan Spijker

 

‘Positief bouwen’, dat is zijn inzet. Maar met beperkte verwachting van de overheid: ‘De samenleving moet terug worden gegeven aan de samenleving.’

Adriaan Hoogendoorn heeft een heldere visie bij  aanvang van zijn werk als burgemeester. Na jaren als gemeentesecretaris te hebben gewerkt, onder meer in Waddinxveen, gaat hij nu aan de slag in het Gelderse Oldebroek.

 

Je hebt hiervoor zeven jaar in Waddinxveen (26.000 inwoners) gewerkt. Hoe ben je daar gekomen?

In Waddinxveen was in 2003 een forse bestuurscrisis en ze zochten iemand die dat voortvarend kon aanpakken. Als gemeentesecretaris in Twente heb ik de fusie Vriezenveen/Den Ham geleid; daardoor was ik bekend met een proces vol valkuilen en tegengestelde belangen. Toen dat goed afgerond was, werd ik benaderd vanuit Waddinxveen. Dat kwam goed uit, want in de nieuwe gemeente Twenterand was mijn klus geklaard. Ik ben niet iemand om op de winkel te passen.

 

Crisis in Waddinxveen: wat was er aan de hand?

Een bestuurlijke én ambtelijke crisis met veel slachtoffers en een verziekte sfeer. Decennialang gesteggel over realisering van een geheel nieuw centrum (investering van zo’n 350 miljoen euro) speelde een belangrijke rol. Ik heb toen allereerst gehamerd op de rolverdeling tussen raad, college en organisatie: alle betrokkenen moeten blijven bij hun eigen rol. We hebben nauw contact onderhouden met de fractievoorzitters en veel geïnvesteerd in bestuurlijke verhoudingen. Reorganisatie en professionalisering was onvermijdelijk. Verder is de zogenaamde ‘Waddinxveense ziekte’ (steeds veranderen van bestuurlijk standpunt) aangepakt; consistentie is absoluut nodig. Politiek en maatschappelijk debat is uiteraard belangrijk, maar als er een besluit is genomen dan houden we ons daar allemaal aan. Koersvastheid vergroot het vertrouwen in de overheid.

 

Waarom is vertrouwen belangrijk?

Burgers willen weten waar ze aan toe zijn. Ze willen best wat inleveren voor het algemeen belang, als er maar een visie achter zit. Dan kun je veel weerstanden overwinnen. Met dat winkelcentrumproject moesten we omwonenden, winkeliers, sportclubs en andere partijen overtuigen. Als je handelt vanuit een heldere visie dan blijken burgers daar redelijk en realistisch op te reageren. Daarnaast moet je een win-win-situatie creëren en aantonen dat de overheid alleen samen met maatschappelijke partners voor de samenleving iets kan bereiken.

 

Hoe kijk je na zeven jaar Waddinxveen terug op die periode?

Met veel voldoening. De organisatie is op orde en de bestuurlijke verhoudingen zijn goed. Alle grote projecten zijn nu in uitvoering, onder meer een nieuwe woonwijk van 3.000 woningen.  Ook het winkelcentrum komt er! De eerste paal gaat dit najaar de grond in. Bestuurskracht en prestaties van de gemeente zijn meetbaar gestegen en dat heeft ook het vertrouwen van burgers in de lokale overheid vergroot.

 

Het Rijk laat steeds meer taken over aan lokale overheden. Is dat een teken van vertrouwen of wil men gewoon bezuinigen?

Het kabinet deelt de visie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, dat gemeenten voor de burger ‘de eerste overheid’ zijn. Het sluit ook aan bij de ChristenUnie-visie: Goed bestuur dichtbij de burger. Meer dan rijk of provincie hebben gemeenten zicht op problemen in de lokale samenleving. Maar ook kunnen gemeenten daardoor beter oplossingen in beeld krijgen. Nog belangrijker is dat gemeenten het beste in staat zijn om maatschappelijke partners in de samenleving te mobiliseren om de problemen gericht aan te pakken. De werking van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning is daarvan een goed voorbeeld evenals de Wet Werk en Bijstand. Dan is decentraliseren van taken naar gemeenten niet zo gek. Maar het rijk grijpt dat ook graag aan om te kunnen bezuinigen. De vooronderstelling is dat gemeenten in staat zijn taken efficiënter en dus goedkoper uit te voeren. Een terecht compliment, maar het rijk overdrijft dat graag.

 

Hoe maken we ‘de omslag naar de samenleving’?

Onder andere de WMO heeft laten zien dat de decentralisatiewinst het grootst is bij gemeenten die beschikken over een goede sociale infrastructuur. Dat is vaak het geval in meer dorpse gemeenschappen zoals Waddinxveen en Oldebroek. Van belang blijft wel dat de afstand tussen gemeentebestuurders en inwoners niet te groot wordt. Het elkaar (kunnen) kennen en betrekken is van groot belang. Een gemeente moet daarom als bestuurlijke entiteit zoveel mogelijk samenvallen met de samenleving als maatschappelijke entiteit. Ambtelijke schaalvergroting kan helpen de professionaliteit te verbeteren, maar met bestuurlijke schaalvergroting moeten we voorzichtiger zijn.

De economische situatie noodzaakt tot bezinning op overheidstaken. Maar daarvan moeten we het niet teveel laten afhangen. Ik pleit voor een principiële benadering.  Burgers zijn primair zelf verantwoordelijk. De samenleving heeft de overheid lang niet altijd nodig. De overheid biedt een vangnet, maar geen hangmat. Een te actieve overheid maakt de samenleving lui.

 

Heb je bepaalde doelen als burgemeester?

De verbinding leggen met de bevolking. Ik wil het gesprek aangaan met de lokale gemeenschap. Hoe kunnen burgers (individueel of collectief) invulling geven aan hun eigen verantwoordelijkheden? De gemeente kan daarbij een stimulerende en faciliterende rol vervullen. De overheid moet vooral recht en gerechtigheid bevorderen en er voor waken dat niet het recht van de sterkste gaat heersen. Als burgemeester wil ik bijdragen aan besef van waarden en normen. Respectvol met elkaar omgaan en een boodschap aan elkaar hebben. Zeg maar, de kunst van het samenleven.

 

Je bent lid van het curatorium van het WI. Waar moeten het WI en de ChristenUnie zich voor inzetten de komende tijd?

Twee samenhangende zaken. Allereerst de rol van de overheid: hoe geven we de samenleving terug aan de mensen?  We moeten een visie ontwikkelen waarbij de extremen van liberalisme en socialisme gemeden worden. De rechtsstaat is dan randvoorwaardelijk van grote betekenis en die staat momenteel in de discussie over botsende grondrechten nogal onder druk. Formeel kennen onze grondrechten geen rangordening, maar het antidiscriminatiebeginsel lijkt bij de politiek steeds meer voorrang te krijgen boven de vrijheid van godsdienst. Intussen mogen mensen met gewetensbezwaren kennelijk wel worden gediscrimineerd. Zie het debat rond de weigerambtenaar. Er is weinig begrip voor hun gewetensbezwaren. Alsof de weigerambtenaar het gewoon ergens niet mee eens is; het ligt veel dieper. Het gaat hier om vrijheid van geweten. Dat moeten we bewaken en heus niet alleen voor christenen. Het is een universeel recht!