Gelijkwaardigheid van generaties in de grondwet

Gelijkheidwaardigheid van generaties in de Grondwet

 

Door IJmert Muilwijk

 

Keuzes vandaag hebben invloed op morgen. In de 21e eeuw geldt dat meer dan ooit. Problemen voor toekomstige generaties hopen zich op. Klimaatverandering, kernafval en staatsschuld vormen slechts een greep uit de grabbelton met intergenerationele problemen. Tijd om het principe van gelijkwaardigheid van generaties in de grondwet te verankeren.

Gelijk of gelijkwaardig?

Voor de ChristenUnie is de beschermwaardigheid van het leven een belangrijke kernwaarde. HHHH et nog ongeboren leven is gelijkwaardig aan het geboren leven. Hierbij gaat het niet alleen over abortus of embryoselectie, maar ook over leven wat over lange tijd pas het eerste daglicht zal zien. Medisch-ethische en milieuzaken zijn twee zijdes van dezelfde medaille. In tegenstelling tot veel andere partijen kan de ChristenUnie daarom vanuit een eenduidig waardenkader het duurzaamheiddebat aangaan. Niet vanuit een hype of vanuit angstgevoelens, maar vanuit de rechtvaardigheidsgedachte dat ieder leven gelijkwaardig is voor God.

Ieder leven is gelijkwaardig, maar daarmee niet gelijk: ieder mens is anders. Daar moet een democratische rechtsstaat ook ruimte voor geven. Wel moeten we gelijkwaardigheid nastreven. Dit kan door op te komen voor bepaalde basiskwaliteiten, zoals een goed milieu. Binnen die kaders moet de komende generatie een eigen weg vinden om het leven in te kleuren. Onze opgave nu is om de rekening niet door te schuiven naar volgende generaties. Toch kan iedereen zien dat wij op te grote voet leven waardoor er op economisch en ecologisch vlak een schuld ontstaat. Hoe moeten we daarmee omgaan? Kunnen duurzaamheid en democratie wel samen gaan?

Duurzaamheid vs. Democratie

Lange termijnbeleid is voor politici in een democratie altijd moeilijk geweest. Binnen een democratie is het immers het volk van nu dat aan de macht is, niet de mensen die na ons de aarde zullen bevolken. Er zijn zoveel urgente problemen die nú opgelost moeten worden. Het is daarom verleidelijker om voor de electorale winst op de korte termijn te gaan dan om vooruit te kijken. Ook zet men het behoud van levensstijl soms voor, ondanks dat men weet dat we daarmee volgende generaties kansen ontnemen. Oud-president van de VS George W. Bush zei bijvoorbeeld: “The American way of life is non-negotiatable”. Hierbij maakte hij duidelijk een keuze: levensstijl gaat vóór behoud van het milieu. Ofwel, het belang van de nu levende Amerikanen gaat boven het belang hun nakomelingen. Althans vanuit overheidsperspectief.   

Politiek hoort niet om electorale winst te draaien. Het gaat om het doen van het goede. Het opkomen voor komende generaties hoort daar zeker bij. Hoeveel stemmen dat oplevert is niet onbelangrijk, maar wel secundair ten opzichte van het recht doen aan een ieder. Liever een kleine partij die gaat voor het goede, dan een grote partij die zich laat lijden door de waan van de dag. Dat geldt ook voor het opkomen voor het ongeboren leven en de bijbehorende impopulaire maatregelen.

Sluiten duurzaamheid en democratie elkaar dan altijd uit? Zeker niet. Ik volg Winston Churchill in zijn uitspraak dat democratie de slechtste regeringsvorm is op alle andere vormen na die ooit zijn uitgeprobeerd. We zullen moeten roeien met de riemen die we hebben. Binnen het democratische bestel zijn gelukkig stabiele factoren ingebouwd. De grondwet bijvoorbeeld.

De Grondwet

In de grondwet zijn de belangrijkste gemeenschappelijke uitgangspunten van Nederland opgetekend. De grondwet is gevormd door uitdagingen en bedreigingen uit de praktijk. Zo zijn de klassieke grondrechten ontstaan in reactie op een overheid die haar boekje wel eens te buiten ging. In de 21e eeuw is de grootste uitdaging om een leefbare wereld na te laten. Daarom is het van belang om het principe van gelijkwaardigheid van generaties in de grondwet op te nemen. Hiermee wordt tegelijkertijd een recht toegedicht aan komende generaties en een plicht opgelegd aan de huidige generatie.

Waarom in de grondwet? Onze grondwet heeft een groot informeel gezag. Eenieder in Nederland wordt verondersteld de grondwet te kennen, en de grondwet is gezaghebbend in de rechtspraak. Van het plaatsen van de gelijkheidwaardigheid tussen generaties in de grondwet zal een krachtig signaal uitgaan. Niet alleen naar politici van nu, maar ook naar de generatie van morgen.

De grondwet kan niet veranderd worden met een krappe meerderheid - waar het in ons meerpartijenstelsel toch vaak op neerkomt. Er is een tweederde meerderheid nodig. Iets vastleggen in de grondwet heeft dan ook iets van een gemeenschappelijke waarde in zich waar niet zomaar op teruggekomen gaat worden. Vrijwel alle Nederlanders onderschrijven het idee van gelijkwaardigheid van generaties. Ook veel wetgeving op nationaal en internationaal niveau geeft het al als beginsel aan. Het vastleggen in de Nederlandse grondwet is niet meer dan een logisch gevolg.   

 

Een nieuw grondrecht

De grondwet beschermt allereerst burgers tegen de overheid (klassieke grondrechten). Daarnaast zijn er in de jaren tachtig ook sociale grondrechten in de grondwet opgenomen (recht op huisvesting, gezondheidszorg, etc). Mijns inziens moeten we nu ook de gelijkheidwaardigheid van generaties als sociaal grondrecht opnemen in onze Grondwet. Sociale grondrechten vormen een inspanningsverplichting voor de overheid. Niemand kan naar de rechter stappen om de overheid te dwingen een sociaal grondrecht te realiseren. Wel kan door het parlement getoetst worden of wetten in overeenstemming zijn met de grondwet. Zeker nu er een meerderheid lijkt te ontstaan voor constitutionele toetsing is het verankeren van basiswaarden in de grondwet van groot belang.

Er wordt in artikel 21 van de grondwet gesproken over een goed leefmilieu. Dit refereert echter alleen naar bescherming van de huidige Nederlanders. Een optie is daarom om artikel 21 uit te breiden. België heeft hierin het voortouw genomen door solidariteit tussen generaties op de volgende manier in de grondwet op te nemen: “Een duurzame ontwikkeling in haar sociale, economische en milieugebonden aspecten, rekening houdend met de solidariteit tussen de generaties.” Het is dus mogelijk. Ook in Japan denkt men na over het verankeren van dit beginsel in hun grondwet.

 

ChristenUnie voortouw

De grondwet is zeker niet iets waar alles maar in opgetekend moet worden. Er liggen talloze claims om sociale grondrechten toe te voegen. Toch is de focus op komende generaties uniek.  Naast het terechte pleidooi van de ChristenUnie om het recht op leven in de grondwet op te nemen zou de partij er goed aan doen om ook voor gelijkwaardigheid van generaties te pleiten. Op die manier laat de partij zien dat de visie op medische ethiek in een breder ethisch kader van gelijkwaardigheid van elk menselijk leven valt.