Veiligheid, een kwestie van samen leven

Veiligheid, een kwestie van samen leven

 

Door drs. mr. Bort Koelewijn, burgemeester van Rijssen-Holten

 

‘Een veilige samenleving is niet alleen een kwestie van duidelijke regels en goede handhaving. Een respectvolle omgang van mensen met elkaar en fatsoen in het maatschappelijk verkeer zijn onmisbaar voor een veilig klimaat’. Veiligheid, stabiliteit en respect hebben een heel behoorlijke plek gekregen in het regeerakkoord. Maar liefst 18 min of meer concrete voornemens zijn daarin opgenomen. Het akkoord getuigt van besef dat veiligheid geen thema is dat alleen van bovenaf kan worden benaderd maar zijn basis vindt in de samenleving zelf, in buurten, scholen, wijken en landelijke kernen. Veiligheid moet lokaal ingebed zijn.

 

Lokaal ingebed

Veiligheid begint bij preventie, stelt het regeerakkoord. De overheid dient burgers, jeugd, scholen, bedrijven, publieke diensten en instellingen aan te spreken op hun bijdrage daaraan. Het regeerakkoord wil wijkinitiatieven ter bestrijding van onveiligheid en vermindering van overlast ondersteunen. Samen met scholen zal worden gewerkt aan een klimaat van veiligheid. Het integraal veiligheidsbeleid van gemeenten moet verder worden uitgebouwd.

Een sterke wijkaanpak wordt nagestreefd met als inzet ‘elke buurt zijn buurtagent’. Bezien zal worden hoe burgers in hun buurt verder kunnen worden betrokken bij het verbeteren van veiligheid, bijvoorbeeld via ‘veiligheidsbuurtbudgetten’ of door meer inspraak te organiseren bij het bepalen van de prioriteiten. De aanpak van groeiende jeugdcriminaliteit kan rekenen op bijzondere inzet, zoals een lik-op-stuk aanpak, uitbreiding van sancties en gerichte aanpak van risicogroepen, preventie door opvoedingsondersteuning, coaching, het voorkomen van schooluitval en het kordaat reageren op spijbelen. De aanpak van criminaliteit en overlastgevend gedrag krijgt prioriteit.

Ter bescherming van de openbare orde en veiligheid kan gelaatsbedekkende kleding verboden worden. Verder zet het regeerakkoord in op handhaving van de rechtsorde en van gestelde regels. Geen verkokering of versnippering, maar een integraal gemeentelijk veiligheidsbeleid en systematische handhaving door het bestuur wordt bevorderd. Preventie en het voorkomen van witwassen van ‘criminele middelen’ vormen onderdeel van het integraal veiligheidsbeleid van gemeenten.

Gemeenten zullen dus meer moeten doen met de wet ‘Bibob’, die het mogelijk maakt onderzoek te doen naar de herkomst van gelden die bij bepaalde ondernemingen worden ingezet. Gemeentelijke toezichthouders krijgen de bevoegdheid boetes wegens overlast in de openbare ruimte uit te delen. De politiesterkte in het landelijk gebied wordt waar nodig versterkt. In de prestatieafspraken komt meer aandacht voor preventie en zal meer accent worden gelegd op de kwaliteit dan op de kwantiteit. Er komt geen verplichting voor landelijke brandweerkorpsen om zich te regionaliseren.

 

Landelijk verzekerd

Veiligheid moet volgens het akkoord landelijk verzekerd zijn. De behandeling van het wetsvoorstel tot invoering van een landelijke politieorganisatie wordt opgeschort. De samenwerking en het gemeenschappelijk functioneren van politiekorpsen moet worden verbeterd. De ministers van BZK en van Justitie zullen bevoegdheden krijgen om aanwijzingen te geven, die door de politieorganisaties verplicht moeten worden opgevolgd.  Er moet een geïntegreerd politie-informatiesysteem en ICT-netwerk komen. Ook wordt ingezet op specialisatie tussen korpsen en gemeenschappelijk beleid voor materiaal, personeel en beheer. Als de samenwerking niet snel van de grond komt of de resultaten tegenvallen, dan wordt alsnog over de invoering van landelijke politie gesproken. Nederland werkt mee aan de versterking van de executieve samenwerking van politie en justitie en op het gebied van migratie in Europa. De realisatie van de veiligheidsregio’s wordt voortgezet. Bij de inrichting daarvan wil het regeerakkoord wel zorgdragen voor voldoende lokale democratische legitimatie. De meldkamer is een publieke verantwoordelijkheid.

 

Nieuwe instrumenten

Er komt een nieuw veiligheidsprogramma met als doelstelling 25 % minder criminaliteit in 2010 ten opzichte van 2003. Politie en het Openbaar Ministerie krijgen nieuwe technologie om het ophelderingspercentage te verbeteren. De Minister van Justitie krijgt doorzettingsmacht bij terrorismebestrijding. Voorzien wordt in de mogelijkheid om het doorgeven van radicaliserende boodschappen door internet-providers te verbieden. Daarmee wil de regering ook voorlichting over de middelen van terreur bestrijden. 

Strafrechtelijke maatregelen zullen worden gestroomlijnd om langs die weg gericht gedrag te beïnvloeden. Via wetgeving zal gemakkelijker beslag kunnen worden gelegd op winsten uit criminele activiteiten en die mogelijkheden gaan ook gelden voor kleine vergrijpen.

De aanpak van huiselijk geweld en van eergerelateerde misdrijven zal krachtig worden voortgezet en de opvang van slachtoffers en van hun kinderen zal worden verbeterd.

Nieuwe instrumenten zijn nodig om de uitwassen van de prostitutiebranche als broeinest van zwartwerken, vrouwenhandel, witwassen en andere vormen van illegaliteit en criminaliteit te bestrijden. Het regeerakkoord spreekt onder andere over het creëren van persoonlijke aansprakelijkheid met inbegrip van de aanpak van klanten van minderjarige en van illegale prostituees. Aan gemeenten zal een ruimere vrijheid worden gegeven om in hun beleid ter zake van de ruimtelijke ordening rekening te houden met bestaande bordelen, ook regionaal gezien, inclusief de ‘nuloptie’.

Veiligheid volgens de ChristenUnie

Leven in vertrouwen begint bij het bieden van veiligheid, aldus het verkiezingsprogramma van de CU. Bestrijding van asociaal gedrag en overlast, van terrorisme en harde criminaliteit heeft daarom topprioriteit. Een gebrek aan veiligheid ervaren mensen het meeste dicht bij huis. Een goede aanpak begint daarom in de wijken en de buurten door verbetering van de leefbaarheid en aanpak van asociaal gedrag. Naast de overheid hebben ook religieuze instellingen hier een duidelijke taak. Een adequaat veiligheidsbeleid herstelt onderlinge verbondenheid. Mensen krijgen opnieuw vertrouwen in elkaar en in de politiek.

Het veiligheidsbeleid moet voor haar effectiviteit geworteld zijn in de lokale samenleving. De aanwezigheid van politie in de wijken en de betrokkenheid van lokale vrijwilligers bij de brandweer zijn belangrijk. Bij rampenbestrijding is samenwerking tussen de verschillende diensten over de gemeentegrenzen heen noodzakelijk. De vorming van veiligheidsregio’s betekent een versterking van de bestuurlijke- en operationele regie in alle fasen van de veiligheidsketen. Deze samenwerking kan niet vrijblijvend zijn, maar moet wel recht doen aan de (eigen) verantwoordelijkheid die een gemeentebestuur draagt voor haar grondgebied en gemeentelijke organisatie.

Waardering

Vergelijking van het verkiezingsprogramma met het regeerakkoord laat zien dat op wezenlijke punten overeenstemming bestaat. Bestrijding van asociaal gedrag is in het regeerakkoord vertaald naar respect. De notie dat veiligheid dicht bij huis begint, in de wijken en in de buurten, is in het regeerakkoord helder terug te vinden. Over de rol van religieuze instellingen voor bevordering van leefbaarheid en respect wordt in dit onderdeel van het regeerakkoord niet uitdrukkelijk gesproken. Stimuleren van onderlinge verbondenheid komt in het regeerakkoord terug als het gaat om het aanspreken op ieders verantwoordelijkheid van burgers, jeugd, scholen, bedrijven, publieke diensten en instellingen. Alleen samen maken we het veiliger!

Dat veiligheidsbeleid in de buurten en wijken begint is een belangrijk punt in het regeerakkoord. Het akkoord is heel expliciet als het gaat om politie in de wijk: elke buurt zijn eigen buurtagent! In de praktijk zal het nog een hele opgaaf zijn om het buurtagenten werkelijk mogelijk te maken om als zodanig door de buurtbewoners ervaren te worden. Dat vraagt beschikbaarheid en tijd en dus niet een te grote buurt. De ChristenUnie mag blij zijn met dit onderdeel van het regeerakkoord, waarin meer punten zijn verzilverd dan in het verkiezingsprogramma zijn opgenomen.

 

Bescherming tegen overheid

De dilemma’s zitten naar mijn mening in de vraag waar de grenzen liggen van het optreden van de overheid. Als het functioneren van het OM wordt verbeterd door knelpunten weg te nemen en als er wordt gesteld dat er geen nieuwe belemmeringen, procedures of beperkingen komen, dan mis ik net te veel dat dergelijke procedures en belemmeringen een functie hebben om burgers tegen de overheid te beschermen.

Tot hoever leveren wij onze vrijheid in? Met een beroep op veiligheid is tegenwoordig veel mogelijk. Cameratoezicht, preventief fouilleren, straks gedwongen uithuis plaatsingen en dat al bij dreiging van huiselijk geweld en registratie van allerlei gegevens in het elektronisch kinddossier. Nagedacht wordt over mogelijkheden tot preventief ingrijpen bij dreigende radicalisering. Aan predikanten uit het buitenland worden beperkingen opgelegd om zich in Nederland te vestigen - omdat er ook imams zijn die vreemde uitspraken doen.

 

Slot  

Veiligheid is een vaag begrip. Wordt het niet tijd om dat scherper te omlijnen en vast te stellen wat in een open samenleving gewone maatschappelijke risico’s zijn en wat niet? En wanneer vrijheidsbeperkingen echt noodzakelijk zijn? De ChristenUnie kan aan dit debat bijdragen door niet met elke oprisping tot weer nieuwe maatregelen met een beroep op veiligheid mee te gaan.

 

 

SAMENVATTING

  1. Veiligheid moet lokaal zijn ingebed en landelijk zijn verzekerd.
  2. De ChristenUnie mag over het algemeen tevreden zijn met dit onderdeel van het regeerakkoord.
  3. De dilemma’s zitten in de vraag waar de grenzen liggen van het optreden van de overheid in het kader van het garanderen van veiligheid.