Media, macht en moraal

ThemaInleiding ‘Media, macht en moraal’

 

Door Geert Jan Spijker, eindredacteur

 

Sinds ik in Hilversum woon, kan ik niet meer heen om de media. De monumentale mediapanden staren je overal aan en met grote regelmaat word je als brave burger op straat aangehouden door mannen gewapend met camera’s en notitieboekjes. Ook degenen die niet houden van de media moeten er mee leren leven. En politici zeker. 

 

Media en macht

Politiek draait om macht en waarheid, maar hetzelfde kan gezegd worden van de media. Een belangrijke, oorspronkelijke taak van media is het bewaken van de overheidsmacht. Media controleren politiek en bestuur en proberen die enigszins transparant te maken voor de burger. Ze bemiddelen – mediëren – tussen politiek en burger. Door goed geïnformeerd te zijn proberen ze de waarheid door te spelen naar buiten het Binnenhof.  

Dit maakt de media zelf ook erg machtig. Immers, de wijze van bemiddelen kan op meerdere manieren worden ingevuld. Sommige media kiezen ervoor om politieke gebeurtenissen op een populistische wijze weer te geven, andere zoeken de nuance. Altijd ligt voor de burger het gevaar op de loer dat de media de waarheid verdraaien en hem zo op het verkeerde been zetten. Niet zelden zijn de media immers de enige bron van informatie voor de burger, zodat foutieve beeldvorming desastreuze gevolgen kan hebben.

 

‘Fatwa-cabaretier’

Het is een centrale verantwoordelijkheid van de media goed geïnformeerd te zijn en de informatie op zorgvuldige wijze door te geven. Dat het correct uitoefenen van deze verantwoordelijkheid niet vanzelfsprekend is, bleek onlangs weer in de berichtgeving rondom de ‘doodsbedreigingen’ van Ewout Jansen. Deze cabaretier was volgens De Telegraaf persoonlijk bedreigd door moslims en werd in een volgend bericht zelfs de ‘Fatwa-cabaretier’ genoemd. Andere media volgden met dit ‘nieuwtje’ en veel columnisten en bloggers reageerden boos: weer die moslims met hun korte lontjes. Onderzoek achteraf liet echter zien dat Jansen helemaal niet is bedreigd. (Overigens heb ik dit op mijn beurt weer overgenomen uit NRC Handelsblad van 17&18 maart 2007; nu maar hopen dat het daarin wel goed is weergegeven.)

 

Media-ethisch verantwoord?

Dit voorbeeld staat niet op zich. Veel media zijn vooral bezig met het neerzetten van extremen. De werkelijkheid, die zeker in Nederland vaak maar saai is, moet worden geportretteerd alsof spanning en sensatie overheersen. Anders is niemand geïnteresseerd natuurlijk. Ook serieuze media doen mee aan deze manipulatie. In de jacht op kijkcijfers geven ze de nuance prijs. De ChristenUnie kan hierover meepraten - denk bijvoorbeeld aan een recente reportage van Zembla. De werkelijkheid wordt sterk vereenvoudigd neergezet en met name de extremen komen in beeld. De nuance wordt verdrongen door suggestieve beelden die worden uitvergroot en de volgende dag worden bevestigd in andere media, waarop weer anderen reageren. Zo ontstaat een eigen, welhaast virtuele realiteit die nauwelijks meer verwijst naar de echte werkelijkheid. De feiten verliezen we uit het oog, zeker als we ons blindstaren op dat eenogige apparaat in onze huiskamer (waar Nederlanders gemiddeld 3 uur per dag naar kijken). 

 

En de politiek?

Politici laten zich media-aandacht vaak welgevallen. Sterker, ze zoeken die op, want ze hebben er belang bij dat hun boodschap voor het voetlicht komt. Dat is op zich niet erg, maar wederzijdse afhankelijkheid moet niet uitmonden in wederzijdse aanhankelijkheid. Koester de zelfstandigheid. Laten politiek en media proberen te ontsnappen aan de dynamiek ‘incidentenonderzoek – spoeddebat – voorpaginanieuws’. Hoe lastig dat ook is in een land met tien nationale tv-zenders (binnenkort misschien negen).

 

Voorwaar geen eenvoudige zaken om een mening over te vormen. Misschien kan dit medium hierbij verder helpen…